Charter
van Colruyt en DreamLand omtrent kinderarbeid en werkomstandigheden
1. Doelstelling
1.1. Met dit charter willen Colruyt en DreamLand een bijdrage leveren tot:
de vermindering van kinderarbeid;
en de verbetering van de werkomstandigheden bij de producenten
van goederen die we te koop aanbieden.
1.2. Daarom
hebben Colruyt en DreamLand samen een gedragscode opgesteld waaraan
onze producenten moeten beantwoorden. Die code bevat specifieke maatregelen
om kinderarbeid te verbieden en om de werkomstandigheden van jongeren,
en van de werknemers in het algemeen, te verbeteren.
1.3. Colruyt
en DreamLand zijn zich ervan bewust dat er altijd rekening moet worden
gehouden met de economische en sociale realiteit in het productieland.
Zo kan bijvoorbeeld het inkomen van de kinderen noodzakelijk zijn
in het gezin. Daarom willen we omzichtig te werk gaan en stap voor
stap komen tot de naleving van onze gedragscode.
1.4. Anderzijds
engageren Colruyt en DreamLand zich om zelf een aantal acties te ondernemen
om kinderen en jongeren in de productielanden meer kansen te geven
om zich te ontplooien.
2. Gedragscode voor producenten
2.1. Wettelijke vereisten inzake
werkomstandigheden
Alle producenten moeten de nationale wetgeving respecteren in de landen
waar ze hun producten laten fabriceren. Belangrijk daarbij is dat
de vereisten die Colruyt en DreamLand in hun gedragscode hebben opgenomen,
dikwijls verder gaan dan de wettelijke bepalingen (zie verder).
2.2. Specifieke vereisten inzake kinderarbeid 2.2.1. Definities
Volgens artikel 1 van het Internationale Verdrag van de Rechten
van het Kind van de Verenigde Naties wordt onder 'kind' elke persoon
verstaan die jonger is dan 18 jaar.
Volgens het ILO*-verdrag nr. C138 van 1973 art. 2.3. is de
minimumleeftijd om te mogen werken 15 jaar. Uitzondering hierop zijn
de landen die beantwoorden aan art. 2.4. van hetzelfde verdrag, waar
de minimumleeftijd van 14 jaar wordt aanvaard. Waar een land een hogere
minimumleeftijd dan 15 jaar voorschrijft, wordt die hogere leeftijd
de norm.
2.2.2. Kinderen onder de wettelijke minimumleeftijd tewerkstellen, wordt
door Colruyt en DreamLand beschouwd als een inbreuk op onze gedragscode,
waarbij we passende maatregelen zullen nemen (zie punt 5).
2.2.3. Voor jongeren (tussen 15 en 18 jaar) baseren Colruyt en DreamLand
hun beleid op het VN-Verdrag van de Rechten van het Kind, artikel
32, 1: Elk kind heeft het recht om beschermd te worden tegen
economische exploitatie en tegen het verrichten van werk dat naar
alle waarschijnlijkheid gevaarlijk is, of de opvoeding van het kind
hindert, of schadelijk is voor de gezondheid of de lichamelijke, geestelijke,
intellectuele, zedelijke of sociale ontwikkeling van het kind.
Colruyt en DreamLand vragen daarom aan hun leveranciers speciale aandacht
voor werkende jongeren tussen 15 en 18 jaar:
in landen met schoolplicht mogen ze niet tewerkgesteld worden
tijdens schooltijd;
de totale duur van school- en werktijden en het transport mag
niet hoger zijn dan 10 u per dag;
ze mogen niet werken in gevaarlijke, onveilige, ongezonde of
zware werkomstandigheden;
De werkplaats moet qua veiligheid en ergonomie aangepast zijn;
Werknemers onder de 18 jaar mogen niet meer dan 48 u per week
werken.
2.3. Specifieke vereisten inzake algemene
werkomstandigheden
Algemeen geldt dat het bedrijf moet voldoen aan de lokale wettelijke
milieu-, veiligheids- en gezondheidsvoorschriften.
Indien dergelijke voorschriften niet of in onvoldoende mate aanwezig
zijn, eisen Colruyt en DreamLand dat de werknemers in aanvaardbare
omstandigheden kunnen werken (uitgewerkt in een concrete checklist),
op het vlak van:
veiligheid (gebruik van veilige machines en gereedschap, veiligheidsuitrusting,
adequate opleiding, enz.);
aanvaardbare leefomstandigheden op de werkplaats (zoals hygiënisch
en in voldoende mate aanwezig sanitair, een propere werkomgeving,
enz.);
milieu (de site en de productie-omgeving moeten zoveel mogelijk
gevrijwaard blijven van elke vorm van vervuiling).
2.4. Specifieke vereisten inzake rechten
van de werknemers
Wat de rechten van de werknemers betreft, hebben Colruyt en DreamLand
specifieke voorwaarden geformuleerd. Ze betreffen aspecten inzake:
discriminatie (geen enkele werknemer mag worden gediscrimineerd
op basis van zijn of haar ras, geslacht, religie, etnische achtergrond,
politieke overtuiging, leeftijd of seksuele geaardheid, enz.);
strafmaatregelen (geen lijfstraffen en andere misplaatste disciplinaire
maatregelen, zowel fysiek als mentaal), ongewenste intimiteiten, gedwongen
arbeid, enz.;
verloning (vergoeding naar gelang van het geleverde werk, wettelijk
minimumloon, enz.);
werktijden (respecteren van wettelijke bepalingen inzake rustdagen,
ziekteverlof, jaarlijkse vakantie, enz.).
* ILO = International Labour Organisation
3. Toepassing
In een eerste stap richten we
ons naar alle producenten van speelgoed, bij wie Colruyt/DreamLand
rechtstreeks in de productielanden aankopen. In een verder stadium
zal deze gedragscode uitgebreid worden naar andere productgroepen.
4. Controle
4.1. Colruyt en DreamLand zullen erop toezien, in samenwerking met hun
producenten en een gespecialiseerd controleorganisme, dat alle praktisch
uitvoerbare initiatieven zich vertalen in een reële verbetering
van de werkomstandigheden en de rechten van de werknemers. Daartoe
zullen Colruyt en DreamLand al hun producenten informeren over de
gedragscode en erop toezien dat ze eraan voldoen.
4.2. Alle
producenten op hun beurt moeten garanderen dat de code gekend is bij
al hun onderaannemers en dat die gerespecteerd wordt in al hun productiebedrijven.
4.3. Een
gespecialiseerd controleorganisme heeft van Colruyt/ DreamLand de
opdracht gekregen toe te zien op de correcte naleving van deze gedragscode.
Dat controleorganisme is gespecialiseerd in sociale audit en heeft
medewerkers in de hele wereld die de taal, de wetgeving en de cultuur
van het land kennen, zodat ze met kennis van zaken hun werk kunnen
uitvoeren.
Het controleorganisme zal daartoe jaarlijks en steekproefsgewijs een
aantal audits uitvoeren op de productiesites. Die audits gebeuren
aan de hand van een uitgebreid Auditprogramma met:
een checklist voor de werkgevers
en een vragenlijst voor interviews met werknemers. Het Auditprogramma
is consulteerbaar op deze websites: www.colruyt.be en www.dreamland.be.
De resultaten van de audit van het controleorganisme worden vermeld
in een duidelijk en volledig rapport dat bezorgd wordt aan Colruyt
en DreamLand.
4.4. Ook
de aankopers van Colruyt en DreamLand, die regelmatig de productiebedrijven
bezoeken, controleren of de gedragscode wordt opgevolgd. Van elk bedrijfsbezoek
maken ze een verslag dat wordt bijgehouden in een logboek.
5. Maatregelen bij het niet-naleven
van de gedragscode
Wanneer
Colruyt en DreamLand vaststellen dat een producent de gedragscode
niet naleeft, wordt in samenwerking met die producent een 'Corrective
Plan' opgesteld. Daarin worden de maatregelen opgenomen die de onderneming
moet nemen om te voldoen aan de eisen van onze gedragscode en ook
het tijdstip waarop die in voege moeten zijn. Naar gelang van de ernst
en de frequentie van de overtredingen kunnen Colruyt/DreamLand volgende
maatregelen nemen tegenover hun producenten:
annuleren van lopende bestellingen;
tijdelijk stopzetten van de samenwerking;
de samenwerking definitief beëindigen.
6. Scholingsprogramma's
Kinderarbeid verbieden op zich
is niet voldoende. Kinderen moeten ook kansen krijgen om zich te ontplooien.
Daarom engageren Colruyt en DreamLand zich om in één
of meerdere productielanden een aantal scholingsprogramma's financieel
te steunen. Deze scholingsprogramma's worden opgezet in samenwerking
met een onafhankelijke organisatie die ook voor de praktische uitvoering
en opvolging zal instaan.
7. Financiering
7.1. Jaarlijks trekken Colruyt en DreamLand een bedrag uit omscholingsprogramma's
te financieren en om de nodige controles op de concrete naleving van
de gedragscode te laten uitvoeren. In een beginfase wordt daarvoor
250.000 € voorzien.
7.2. Ook
de klanten van Colruyt en DreamLand zullen hun bijdrage kunnen leveren,
via regelmatige acties.
7.3. Quality
Control controleert of het geheel van financiële middelen wordt
gebruikt voor de juiste doeleinden en op de juiste plaats terechtkomt.
8. Verwachtingen omtrent
dit charter
8.1.
Doordat we continu concrete stappen zetten, zal dit charter mee bijdragen
tot een vermindering van de kinderarbeid en een algemene verbetering
van de arbeidsomstandigheden van alle werknemers in die landen. We
hopen ook dat dit charter voor een sneeuwbaleffect zorgt. We zijn
ervan overtuigd dat blijvende aandacht voor de problemen rond kinderarbeid
en slechte werkomstandigheden, samen met de veranderende consumptiegewoonten,
aanzet geeft tot concrete resultaten op grotere schaal.
8.2. We
zijn er ons van bewust dat we alle problemen niet meteen kunnen oplossen.
Rekening houdend met de reële context waarbinnen wij werken,
zoals bv. de economische realiteit, de consumptiegewoonten, enz.,
zullen we er wel voor zorgen dat alle haalbare initiatieven worden
gerealiseerd.
8.3. Dit
charter is geen statische code, maar zal voortdurend worden getoetst
aan de werkelijkheid en, indien nodig, worden verbeterd.
9. Informatie
Colruyt en DreamLand
engageren zich om op regelmatige basis aan hun klanten informatie
te geven over de stand van zaken via een jaarlijkse nieuwsbrief. Die
informatie zal, samen met het charter en de checklist die het controleorganisme
gebruikt bij haar audit, ook beschikbaar zijn op internet: www.colruyt.be
en www.dreamland.be. Daarnaast publiceren Colruyt en DreamLand vanaf
2002 jaarlijks een bilan in het jaarrapport.
12/02/2004
Nieuwsbrief
kinderarbeid stand van zaken
Bij de start van ons charter omtrent kinderarbeid
en aanvaardbare werkomstandigheden, in 2002, engageerden we ons om
financiële steun te geven aan een aantal scholingsprojecten.
We zagen immers in dat kinderarbeid verbieden op zich niet voldoende
is: kinderen moeten ook kansen krijgen om zich te ontplooien.
We gaan ervan uit dat wanneer jongeren een goede opleiding krijgen,
ze op termijn op een duurzame manier kunnen meewerken aan de ontwikkeling
van hun land. We zijn ons ervan bewust dat onze bijdrage eerder beperkt
is, maar we gaan ervan uit dat vele kleintjes één grote
maken. In deze nieuwsbrief krijgt u een stand van zaken.
Daarnaast laten we in de bedrijven die speelgoed voor ons produceren
controleren of ze wel degelijk onze gedragscode naleven, die ze tekenden
bij de start van ons charter. In deze nieuwsbrief leest u de bevindingen van een audit die eind 2003 werd uitgevoerd.
16/04/2003
Eerste
resultaten van ons charter omtrent kinderarbeid
Vorig jaar lanceerden Colruyt en DreamLand
het charter om een bijdrage te leveren tot:
de vermindering van kinderarbeid
en de mogelijke verbetering van de werkomstandigheden bij
de fabrikanten van goederen die op onze vraag werden geproduceerd.
Intussen hebben we daarin al een aantal concrete stappen gezet.
Ondertekening gedragscode
Bij het charter hebben we een gedragscode voor producenten opgesteld.
Die code bevat specifieke vereisten om kinderarbeid te verbieden
en om - waar mogelijk - de werkomstandigheden van jongeren, en
van de werknemers in het algemeen, te verbeteren.
We stuurden de code in eerste instantie op naar alle speelgoedfabrikanten
waarmee we rechtstreeks samenwerken, met de vermelding dat de
ondertekening ervan een voorwaarde is voor verdere samenwerking.
Intussen hebben alle fabrikanten ze ondertekend, enkele met vermelding
dat ze in de loop van dit jaar een aantal aanpassingen zullen
uitvoeren zodat ze in orde zullen zijn tegen eind september 2003.
Externe controles om na te gaan
of onze eisen worden gevolgd
Om na te gaan of onze gedragscode wel degelijk wordt gevolgd,
laten we elk jaar extra controles uitvoeren in één
vijfde van de bedrijven.
Alle speelgoedfabrikanten die rechtstreeks
voor ons produceren, hebben onze gedragscode getekend.
Daarvoor hebben we de opdracht gegeven
aan twee onafhankelijke en door de overheid erkende bedrijven:
SGS en ITS (www.sgs.com en www.itsglobal.com).
Zij zijn allebei onder meer gespecialiseerd in het inspecteren
van bedrijven en kennen de nationale wetgeving van de productielanden.
De controle-organisaties hebben toegang tot de bedrijven, kunnen
documenten inzien (zoals personeelsbestand, veiligheidsdocumenten,
enz.), nemen foto's en noteren hun bevindingen aan de hand van
een uitgebreide checklist. Ze kunnen ook werknemers interviewen.
In december vorig jaar werden al 9 audits uitgevoerd bij speelgoedleveranciers
in China. Uit de verslagen die we toegestuurd kregen van SGS en
ITS, blijkt dat er bij geen enkel bedrijf inbreuken werden vastgesteld
op het vlak van kinderarbeid.
Om na te gaan of onze gedragscode
wel degelijk wordt gevolgd, laten we zelf controles uitvoeren
in de bedrijven.
Op het vlak van werkomstandigheden werden
er geen onaanvaardbare toestanden vastgesteld. Wel is er in een
aantal bedrijven duidelijk nog werk aan de winkel: er ontbreken
arbeidscontracten, veiligheid en hygiëne zijn niet altijd
in overeenstemming met de normen uit onze gedragscode (bv. geen
brandblussers, geen EHBO-kit, chemicaliën opgeslagen in toiletten,
geen bescherming voor werknemers in de verfspuitafdeling, enz.).
De bedrijven hebben daarvoor een voorstel tot verbetering (Corrective
Plan) getekend. Daarmee verbinden ze zich om voorgestelde investeringen
uit te voeren binnen het half jaar. We beslisten om bij 2 bedrijven
na 6 maand een nieuwe controle te laten doen om na te gaan of
hun beloften daadwerkelijk werden ingelost.
Colruyt en DreamLand financieren
scholingsprogramma's
Kinderarbeid verbieden op zich
is niet voldoende. We willen ook een bijdrage leveren door projecten
te steunen die jongeren helpen zich te ontplooien. Daarvoor geven
we dit jaar _ 125.000, verdeeld over 3 verschillende projecten.
Quality Control, een officieel erkend en onafhankelijk controle-organisme,
controleert of dat geld wordt gebruikt voor de juiste doeleinden
en op de juiste plaats terechtkomt.
1) Het Ahadi-project in Tanzania (in samenwerking met Caraes)
In de Kigomastreek in Tanzania
(rond de Grote Meren) steunen we een scholingsproject in vluchtelingenkampen
in samenwerking met de niet-gouvernementele organisatie Caraes.
In die kampen bevinden zich honderdduizenden vluchtelingen, vooral
Kongolezen, Rwandezen en Burundezen, velen al sinds 1993-94.
Door de omstandigheden waarin de jongeren zich daar bevinden,
kunnen ze niet naar traditionele scholen of universiteiten.
Via een systeem van afstandsonderwijs
kunnen een groot aantal studenten een opleiding volgen zonder
dat daarvoor dure infrastructuur nodig is.
Toch is een goede opleiding heel
belangrijk:
- met een goed diploma kunnen ze zelfstandig hun leven opbouwen
voor zichzelf en hun familie
- ze kunnen duurzaam bijdragen tot de ontwikkeling van hun streek
en land
- en de jongeren kunnen zich op een positieve manier inzetten
en zoeken hun toevlucht niet in kinderarbeid, prostitutie, criminaliteit,
enz.
Daarom startte Caraes er een systeem van afstandsonderwijs (zelfstudie)
onder de naam AHADI: (Swahili voor 'belofte, engagement') voor
jongeren van de derde graad secundair onderwijs en hoger onderwijs.
Studenten die verhuizen kunnen hun opleiding
toch verder zetten via een netwerk van steun- en studiecentra.
Een groot aantal studenten kunnen
zo een opleiding volgen zonder dat daarvoor dure infrastructuur
nodig is, en met een minimum aan leerkrachten. De studenten kunnen
hun studies inpassen in hun dagelijkse leven en zelf hun tempo
bepalen.
Als studenten verhuizen of genoodzaakt
zijn elders hun toevlucht te zoeken, geeft het netwerk van steun-
en studiecentra hen de mogelijkheid om het programma toch verder
te zetten.
Wie slaagt voor een programma, krijgt een diploma of
getuigschrift. Caraes zorgt ervoor dat dat ook wordt gecertifieerd.
Het verhaal van
enkele kandidaat-cursisten
Francine zat in het vierde jaar humaniora toen in 1993 de
Burundese president werd vermoord. Door de burgeroorlog die
daarop uitbrak, werd ze verplicht om te vluchten. In het vluchtelingenkamp
volgde ze het onderwijs dat door de ouders werd georganiseerd.
Ze heeft geen diploma of getuigschrift. Ze heeft deelgenomen
aan het toegangsexamen dat door AHADI werd georganiseerd en
volgt nu een voorbereidend jaar economie.
Met een erkend diploma heeft ze meer kansen wanneer ze terugkan
naar haar land.
Yassini werd als jong weeskind door zijn oom in Kigoma grootgebracht.
Met de steun van de moslimgemeenschap slaagde hij erin het
secundair onderwijs af te maken. Yassini heeft zich voorgenomen
om mee te helpen aan de ontwikkeling van zijn streek. Hij
volgt de opleiding maatschappelijk werker.
2) Het Yayasan Peduli Indonesia-project
in Indonesië
In Indonesië steunen
we een opleidingsproject, uitgevoerd door de vzw Vredeseilanden,
via CFP (Bedrijfsgiftenbank).
Het project wordt uitgevoerd in Trawas, Mojokerto District op
Oost-Java (waar we o.a. teakhouten tuinmeubelen aankopen).
De boeren in de streek produceren er groenten (wortelen, sla,
kolen, uien, look, enz.), rijst, bonen, maïs en fruit. Door
een tekort aan landbouwgrond voor het grote aantal mensen worden
er veel chemische middelen gebruikt om de productie te verhogen.
Maar daardoor daalt op termijn de productiviteit van de grond.
Bovendien zijn de chemische middelen erg duur zodat de boeren
weinig overhouden bij de verkoop van hun producten.
In Trawas krijgen boeren een betere
vorming om hun producten op een meer natuurlijke wijze te
telen.
Met het project wil de vzw Vredeseilanden
boeren een betere vorming geven op het gebied van milieubescherming
en natuurbeheer:
- de promotie van een meer natuurlijke
productiewijze door de bestaande technologie en kennis beter te
gebruiken (zoals de bescherming van waterbronnen en acties die
erosie tegengaan, de aanmaak en het gebruik van organische mest
en pesticiden)
Sinds de start van het project gebruikt
20 % van de boeren biologische meststoffen.
- en de boeren begeleiden om hun
producten beter te leren verkopen.
Sinds de start van het project in 1983 gebruikt 20 % van de boeren
biologische meststoffen en een groepje jonge boeren produceert
biologische pesticiden.
Momenteel zijn er 1875 mensen in 6 dorpen bij betrokken, dit jaar
nog wil men het project uitbreiden naar 15 dorpen en 4290 mensen.
3) De toekomst: uitbouw van een
eigen project in Indonesië via Cimic
Dit jaar nog willen we zelf een langetermijnproject opstarten
in een land waar goederen voor ons worden geproduceerd. Voor de
organisatie daarvan hebben we het kenniscentrum Cimic (Centrum
voor Intercultureel Management en Internationale Communicatie)
gecontacteerd. Zij hebben de nodige knowhow op het vlak en bevinden
zich nu in Indonesië om daar een scholingsproject voor jongeren
te ontwikkelen en uit te werken.
We willen dat project zowel financieel als materieel steunen.
De start ervan is voorzien voor september dit jaar. We houden
u zeker op de hoogte.